Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De bewijsmotivering
‘Mevrouw huurt een kluis bij onze vestiging in Zaandam. Gaf bij bezoek aan dat ze bezittingen van ex-man in de kluis ging opslaan. Toen onze collega aangaf dat we dan meneer op het contract moeten zetten, schrok mevrouw zichtbaar en zei vervolgens dat de spullen enkel van haar zijn. Meneer was zelf aanwezig maar wilde absoluut niet geregistreerd worden op het contract en reageerde erg fel’. [4]
5.De strafbaarheid van het bewezen verklaarde
medeplegen van een gewoonte maken van witwassen.
6.De strafbaarheid van verdachte
7.De op te leggen straf of maatregel
8.De toegepaste wettelijke voorschriften
9.De beslissing
medeplegen van een gewoonte maken van witwassen;
gevangenisstrafvoor de duur van
6 (zes) maanden;
in zijn geheel niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten. De rechter kan de tenuitvoerlegging gelasten indien verdachte voor het einde van de
proeftijd van 3 (drie) jarende navolgende voorwaarde niet is nagekomen:
algemene voorwaardedat verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
taakstraf, bestaande uit het verrichten van onbetaalde arbeid voor de duur van
240 (tweehonderdveertig) uren;
vervangende hechteniszal worden toegepast voor de duur van
120 (honderdtwintig) dagen;
verklaart verbeurdhet in beslag genomen
contante geldbedrag van € 101.665,--.