ECLI:NL:HR:2010:BM2471
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- H.A.G. Splinter-van Kan
- C.H.W.M. Sterk
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt bewijs van witwassen ondanks betwisting herkomst geld
Verdachte werd veroordeeld wegens het in bezit hebben van 100.000 euro waarvan het Hof oordeelde dat het afkomstig was uit een misdrijf. Verdachte stelde dat het geld een legale herkomst had en werkte voor een autohandelaar in Spanje, maar kon geen verifieerbare gegevens overleggen ter ondersteuning van zijn stellingen.
Het Hof baseerde zijn oordeel op de hoogte van het bedrag, de coupures van 500 euro en de wijze van vervoer, en verwierp het verzoek tot het horen van een getuige omdat de verdediging onvoldoende onderbouwing leverde. De Hoge Raad bevestigde dat het Hof de bewijslast niet op verdachte heeft gelegd en de verklaring van verdachte als hoogst onwaarschijnlijk mocht terzijde schuiven.
De Hoge Raad verwierp de cassatiemiddelen en oordeelde dat geen sprake was van een ontoelaatbare bewijslastomkering. Wel werd de opgelegde gevangenisstraf verminderd met vijf maanden en drie weken vanwege overschrijding van de redelijke termijn zoals bedoeld in artikel 6 EVRM Pro.
De uitspraak bevestigt dat het enkel aannemelijk maken van een alternatieve herkomst onvoldoende is als deze niet concreet en verifieerbaar wordt onderbouwd. De Hoge Raad handhaafde het bewijs van witwassen op basis van feiten en omstandigheden, ondanks de betwisting door verdachte.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de veroordeling voor witwassen en vermindert de straf wegens overschrijding van de redelijke termijn.