ECLI:NL:RBMNE:2021:3810
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring beroep wegens strijd met goede procesorde bij WOZ-waardebepaling
Eiser heeft in een procedure over de WOZ-waardering van meerdere onroerende zaken verschillende, tegenstrijdige standpunten ingenomen. Aanvankelijk stelde eiser dat de waardes te hoog waren vastgesteld, maar vlak voor de zitting wijzigde hij dit standpunt en stelde hij dat de waardes juist te laag waren, met een voorstel tot verhoging van € 7.500 per object.
De gemeente verweerder had op basis van het eerdere standpunt een taxatiematrix opgesteld ter onderbouwing van de vastgestelde waardes. Door de plotselinge wijziging van het standpunt werd verweerder belemmerd om adequaat te reageren, bijvoorbeeld door een nieuwe taxatie te laten uitvoeren. De rechtbank oordeelde dat deze late wijziging in strijd is met de goede procesorde en liet het nieuwe standpunt buiten beschouwing.
Omdat het oorspronkelijke standpunt door eiser was verlaten en het nieuwe standpunt niet werd beoordeeld, verviel het procesbelang van eiser. Hierdoor was het beroep niet-ontvankelijk. De rechtbank wees een proceskostenveroordeling af. De uitspraak bevestigt dat wisselende standpunten niet per se misbruik van recht opleveren, maar dat het plotseling wijzigen vlak voor de zitting wel onaanvaardbaar is.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens strijd met de goede procesorde en het ontbreken van procesbelang.