Uitspraak
RECHTBANK GELDERLAND
uitspraak van de enkelvoudige belastingkamer van
[naam eiseres] , te [woonplaats] , eiseres
de inspecteur van de Belastingdienst, kantoor Enschede, verweerder.
Procesverloop
- voor het jaar 2012 een navorderingsaanslag, berekend naar een belastbaar inkomen uit werk en woning van € 35.704 en een belastbaar inkomen uit sparen en beleggen van € 3.484, alsmede bij beschikking een boete van € 1.738. Tevens is bij beschikking € 669 aan belastingrente in rekening gebracht;
- voor het jaar 2013 een navorderingsaanslag, berekend naar een belastbaar inkomen uit werk en woning van € 24.462 en een belastbaar inkomen uit sparen en beleggen van € 4.532, alsmede bij beschikking een boete van € 977. Tevens is bij beschikking € 427 aan belastingrente in rekening gebracht;
- voor het jaar 2014 een navorderingsaanslag, berekend naar een belastbaar inkomen uit werk en woning van € 34.507 en een belastbaar inkomen uit sparen en beleggen van € 998, alsmede bij beschikking een boete van € 51. Tevens is bij beschikking € 426 aan belastingrente in rekening gebracht;
- voor het jaar 2015 een aanslag, berekend naar een belastbaar inkomen uit werk en woning van € 25.150 en een belastbaar inkomen uit sparen en beleggen van € 825. Tevens is bij beschikking € 489 aan belastingrente in rekening gebracht;
- voor het jaar 2016 een aanslag, berekend naar een belastbaar inkomen uit werk en woning van € 57.680 en een belastbaar inkomen uit sparen en beleggen van € 145, alsmede bij beschikking een boete van € 395. Tevens is bij beschikking € 431 aan belastingrente in rekening gebracht.
Overwegingen
“7.1.2. Inkomen uit werk en woning (box 1)
Voordeel uit sparen en beleggen (box 3)
Bijlage 3:
Voordeel uit sparen en beleggen (na bezwaar)
Navorderingsaanslag IB/PVV 2014
Beslissing
- verklaart het beroep tegen de aanslag IB/PVV 2015 ongegrond;
- verklaart de beroepen tegen de (navorderings)aanslagen IB/PVV 2012, 2013, 2014 en 2016 gegrond;
- vernietigt de uitspraken op bezwaar betreffende de (navorderings)aanslagen IB/PVV 2012, 2013 en 2016 voor wat betreft de boetebeschikkingen en betreffende de aanslag IB/PVV 2014 volledig;
- vernietigt de boetebeschikkingen bij de (navorderings)aanslagen IB/PVV 2012, 2013 en 2016;
- bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van de in zoverre vernietigde uitspraken op bezwaar;
- vernietigt de navorderingsaanslag IB/PVV 2014;
- veroordeelt verweerder tot vergoeding van immateriële schade van € 1.000;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiseres ten bedrage van € 21.860,87;
- gelast dat verweerder het door eiseres betaalde griffierecht van € 47 vergoedt.
2 - het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden:
a. de naam en het adres van de indiener;