ECLI:NL:RBDHA:2025:2354
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublinverordening Frankrijk
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de minister van Asiel en Migratie om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen, omdat Frankrijk volgens de Dublinverordening verantwoordelijk is voor de behandeling.
De rechtbank heeft beoordeeld of het interstatelijk vertrouwensbeginsel ten aanzien van Frankrijk nog geldt, ondanks door eiser aangevoerde structurele tekortkomingen in de opvangvoorzieningen en persoonlijke negatieve ervaringen. De rechtbank concludeert dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat er sprake is van zodanige systeemgerelateerde tekortkomingen die het vertrouwensbeginsel ondermijnen.
Ook het beroep op artikel 17 van Pro de Dublinverordening, dat de minister discretionaire bevoegdheid geeft om een asielaanvraag toch in behandeling te nemen, wordt verworpen. De minister heeft de eerdere ervaringen van eiser betrokken en geen aanleiding gezien om van het vertrouwensbeginsel af te wijken.
De rechtbank oordeelt dat het beroep ongegrond is en bevestigt het besluit van de minister. Eiser krijgt geen proceskostenvergoeding. De uitspraak is gedaan door rechter Heijmans en griffier Van der Holst op 13 februari 2025.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het besluit blijft in stand.