ECLI:NL:RBDHA:2024:9838
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H. Hanssen - Telman
- Rechtspraak.nl
Beoordeling plaatsing minderjarige vreemdeling in Handhaving- en Toezichtlocatie en vrijheidsbeperkende maatregel
De zaak betreft het beroep van een minderjarige Syrische vreemdeling tegen het besluit van het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COa) om hem per 4 mei 2024 te plaatsen in een Handhaving- en Toezichtlocatie (HTL) te Hoogeveen en de daarbij opgelegde vrijheidsbeperkende maatregel door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid.
Het COa baseerde het plaatsingsbesluit op ernstige incidenten waarbij eiser zich agressief en bedreigend gedroeg tegenover medebewoners en medewerkers, waaronder het maken van steekbewegingen en verbale bedreigingen. Ondanks eerdere maatregelen bleef eiser negatief gedrag vertonen. Het COa had het Nidos en een gedragsdeskundige betrokken bij de besluitvorming, die toestemming gaven voor een tijdelijke plaatsing met intensieve begeleiding.
Eiser voerde aan dat hij niet de agressor was, dat de maatregel onrechtmatig was wegens overschrijding van de duur en onvoldoende medisch onderzoek, en dat het besluit onvoldoende gemotiveerd was en in strijd met artikel 8 EVRM Pro. De rechtbank oordeelde echter dat de feitelijke verslaglegging betrouwbaar is, dat het COa zorgvuldig en gemotiveerd heeft gehandeld, dat een lichter middel niet passend was en dat geen sprake is van schending van artikel 8 EVRM Pro.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen zowel het plaatsingsbesluit als de vrijheidsbeperkende maatregel ongegrond en wees proceskostenveroordeling af. Tegen het beroep tegen het plaatsingsbesluit staat hoger beroep open, tegen de vrijheidsbeperkende maatregel niet.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep tegen het plaatsingsbesluit en de vrijheidsbeperkende maatregel ongegrond wegens voldoende motivering en gegrondheid van het besluit.