ECLI:NL:RBARN:2011:BP2981
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Belastingrechtelijke beoordeling landbouwvrijstelling bij verkoop en onttrekking agrarische grond
Eiser, samen met zijn echtgenote agrarisch ondernemer, verkocht in 2001-2002 diverse percelen grond en opstallen aan Bureau Beheer Landbouwgronden (BBL). De inspecteur corrigeerde de winstberekening en legde een boete op wegens vermeende opzet. De rechtbank onderzocht de juiste toerekening van de koopsom, de toepassing van de landbouwvrijstelling en de waardering van een bouwkavel die aan het privévermogen werd onttrokken.
De rechtbank verwierp het standpunt van de inspecteur dat de koopsom onjuist was gesplitst en oordeelde dat de landbouwvrijstelling correct was toegepast, behalve bij de overgang van grond naar privévermogen voor woningbouw, waar te weinig winst was aangegeven. Het beroep op artikel 70 Wet Pro IB 1964 en een besluit van de Staatssecretaris faalde wegens het ontbreken van een beschikking.
De rechtbank stelde de belaste winst op de transacties vast op €374.351 en vernietigde de boete wegens onvoldoende bewijs van opzet. De heffingsrente werd overeenkomstig verminderd. De rechtbank veroordeelde de inspecteur in proceskosten en gaf aanwijzingen voor hoger beroep.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, de belastingaanslag verminderd, de boete vernietigd en de heffingsrente aangepast.