Conclusie
Nummer23/01430 C
Inleiding
Het eerste middel
Niet ontvankelijkheid subsidiair strafverlaging
Strafmaat
Het verweer en de verwerping door het Hof
Ontvankelijkheid van de procureur-generaal in de strafvervolging
minimum level of severity’) heeft bereikt. Of daarvan sprake is, hangt af van de omstandigheden van het geval. Daarbij kunnen een rol spelen de duur van de behandeling, de fysieke en mentale gevolgen ervan en, in sommige gevallen, het geslacht, de leeftijd en de gezondheidstoestand van het slachtoffer. [2] Verder kan van belang zijn of het slachtoffer zich in een kwetsbare positie bevond, waaronder gevangenschap doorgaans wordt begrepen. [3] De drie verboden behandelingen van art. 3 EVRM Pro verhouden zich tot elkaar als een glijdende schaal, waarbij foltering de meest ernstige en wrede vorm van mishandeling betreft en vernedering relatief gezien de minst vergaande vorm. Een behandeling wordt als vernederend beschouwd wanneer deze een gebrek aan respect toont voor, of afdoet aan, de menselijke waardigheid van het slachtoffer. Verder is hiervan sprake indien de behandeling gevoelens van angst of minderwaardigheid oproept die de morele en fysieke weerstand van het slachtoffer kunnen breken. [4]
European Committee for the Prevention of Torture and Inhuman or Degrading Treatment(CPT) en van deskundigen die zijn geraadpleegd in verband met de detentiegeschiktheid van de verdachte.
Oplegging van straffen en maatregel en bespreking van een verweer