ECLI:NL:PHR:2023:712
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verwerpt cassatieberoep wegens weigering ademanalyse en psychische overmacht
De verdachte werd door het gerechtshof 's-Hertogenbosch veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf wegens bedreiging en het niet meewerken aan een ademanalyse. Hij voerde in cassatie onder meer aan dat het proces-verbaal van de uitspraak ontbrak, dat hij geen opzet had op het niet meewerken, en dat hij psychische overmacht en ontoerekeningsvatbaarheid had vanwege een posttraumatische stressstoornis (PTSS).
De Hoge Raad oordeelde dat het ontbreken van het uitspraakproces-verbaal niet fataal was omdat het arrest alsnog in het openbaar kan worden uitgesproken. Het hof had het beroep op psychische overmacht en ontoerekeningsvatbaarheid terecht verworpen, omdat niet was gebleken van een van buiten komende drang waaraan verdachte geen weerstand kon bieden, en er geen psychologisch rapport was dat ontoerekeningsvatbaarheid aannemelijk maakte.
Verder was uit de bewijsvoering en de erkenning van de feiten door verdachte af te leiden dat hij opzettelijk niet meewerkte aan de ademanalyse. Ook het middel over de beëdiging van raadsheren faalde. De Hoge Raad constateerde wel een overschrijding van de redelijke termijn in cassatie, maar zag geen reden voor vernietiging van het arrest. Het cassatieberoep werd verworpen.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de voorwaardelijke gevangenisstraf van vier weken blijft gehandhaafd.