Conclusie
Inleiding
Het eerste middel en de bespreking daarvan
om te voorkomen dat de verdachte/veroordeelde nadat hem een ontnemingsmaatregel is opgelegd of met hem een schikking of transactie met een ontnemingscomponent is getroffen, ook nog wordt geconfronteerd met belastingheffing over het wederrechtelijk verkregen voordeel, stemt het OM het voornemen tot de ontnemer af met de belastingdienst wanneer het geschatte voordeel tenminste € 5.000,- bedraagt”.
NJ1998/499 neergelegde, en nadien herhaaldelijk bevestigde, [1] overweging:
nadathem een ontnemingsmaatregel is opgelegd. Een dergelijke situatie doet zich in het onderhavige geval niet voor. De verdediging heeft in hoger beroep immers aangevoerd dat de betrokkene eerder al belasting heeft afgedragen over het bedrag dat hij door het tenlastegelegde en bewezenverklaarde feitencomplex heeft verkregen en dat het hof daarmee rekening had moeten houden bij de vaststelling van (de omvang van) het ontnemingsbedrag.
Het tweede middel en de bespreking daarvan
NJ2012/123 overwogen dat de draagkracht van de betrokkene in beginsel aan de orde komt in de executiefase en dat de reden daarvoor is dat de rechter in de ontnemingsprocedure doorgaans niet met zekerheid zal kunnen vaststellen hoe de draagkracht van de betrokkene zich in de – soms aanzienlijk later plaatsvindende – executiefase zal ontwikkelen. Kortom, de vraag of de betrokkene inderdaad niet aan de aan hem opgelegde betalingsverplichting kan voldoen, laat zich het best beoordelen in de executiefase. De draagkracht van de betrokkene kan, aldus vaste rechtspraak van de Hoge Raad, slechts in een bepaald geval in het ontnemingsgeding met vrucht aan de orde worden gesteld. In het zojuist aangehaalde arrest van 16 maart 2021 zegt de Hoge Raad het aldus: “Het gaat dan om het geval waarin de rechter zonder nader onderzoek kan vaststellen dat de betrokkene op het moment van de ontnemingsprocedure geen draagkracht heeft en dat het zeer waarschijnlijk is dat daarin in de toekomst geen verandering zal komen”. [5]
jongste raadsheerdeelt mee:
raadsmandeelt mee:
Slotsom