ECLI:NL:PHR:2021:776
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt arrest hof over wederspannigheid en belediging ambtenaar wegens onrechtmatige staandehouding
De verdachte werd door het hof Arnhem-Leeuwarden veroordeeld wegens wederspannigheid en belediging van een ambtenaar tijdens een staandehouding op 30 december 2016 in Laren. De politie hield verdachte staande vanwege het tijdstip, een melding van een verdachte situatie en het niet reageren op meerdere oproepen. Tijdens de aanhouding verzette verdachte zich en gebruikte beledigende taal.
De verdediging voerde aan dat de staandehouding onrechtmatig was omdat er geen redelijk vermoeden van schuld bestond, en dat zonder deze onrechtmatige staandehouding de strafbare feiten niet zouden hebben plaatsgevonden. Het hof verwierp dit verweer en achtte de staandehouding rechtmatig op grond van het tijdstip, de melding en het niet reageren van verdachte.
In cassatie klaagt de verdachte dat het hof onvoldoende heeft gemotiveerd waaruit de verdachte situatie bestond en dat het redelijk vermoeden van schuld niet objectief was vastgesteld. Ook werd het argument van etnisch profileren besproken, maar verworpen wegens gebrek aan bewijs en omdat dit niet in hoger beroep was aangevoerd.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof niet zonder meer begrijpelijk heeft geoordeeld dat sprake was van een redelijk vermoeden van schuld bij de staandehouding, omdat de melding niet nader werd toegelicht en het enkel lopen op straat om 03:20 uur onvoldoende is. De zaak wordt vernietigd en terugverwezen naar het hof voor hernieuwde beoordeling.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde beoordeling.