Conclusie
PROCUREUR-GENERAAL
BIJ DE
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CONCLUSIE
Op 6 februari jl. te 11.05 uur heeft de verdachte een e-mailbericht naar zijn raadsman toegestuurd waarin hij heeft medegedeeld dat hij naar de dokter is geweest in verband met een doktersverklaring voor de griep, dat dokter [betrokkene 1] de verdachte te kennen heeft gegeven dat het beleid is om hiervoor een brief te schrijven of een ziekteverklaring per e-mail te sturen, dat de verdachte de raadsman niet machtigt om naar de terechtzitting te gaan, dat de verdachte ook niet ter terechtzitting zal verschijnen en dat de terechtzitting verplaatst moet worden naar een andere datum.
NJ2019/285 m.nt. P.A.M. Mevis, [3] herhaalt de Hoge Raad ten aanzien van aanhoudingsverzoeken in verband met ziekte onder meer de overwegingen uit het hiervoor genoemde arrest van 9 mei 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA5730. Overwogen wordt: