Conclusie
eerste middelkeert zich tegen de verwerping van een gevoerd verweer strekkende tot niet-ontvankelijkheid van het openbaar ministerie in de vervolging omdat door het openbaar ministerie de toezegging zou zijn gedaan dat de zaak zou eindigen buiten de rechter om als 120 uur werkstraf zou worden verricht.
“Ontvankelijkheid van het openbaar ministerie
de eis(cursivering van mij, AG) zou kunnen worden.
de eis(cursivering van mij, AG) zou kunnen gaan worden.
tweede middelklaagt dat het hof “ten onrechte het bewijsverweer heeft verworpen althans op gronden die deze verwerping niet kunnen dragen”.
Bewijsoverweging ter zake van het onder 2 ten laste gelegde