ECLI:NL:HR:2019:294

Hoge Raad

Datum uitspraak
5 maart 2019
Publicatiedatum
22 februari 2019
Zaaknummer
17/02387
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 138.1 SrArt. 2.C OpiumwetArt. 81 RO
Verwijzingen
6 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieberoep in zaak lokalevredebreuk en drugsbezit

De verdachte werd door het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden veroordeeld voor het overtreden van een horecaontzegging (lokalevredebreuk) en het aanwezig hebben van heroïne en cocaïne. In cassatie stelde de verdachte onder meer dat het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk had moeten worden verklaard vanwege een toezegging dat de zaak zonder rechterlijke tussenkomst met een werkstraf zou worden afgedaan. Daarnaast werd aangevoerd dat een verklaring van verdachte niet vrijwillig was verkregen omdat hem was toegezegd dat de zaak via een strafbeschikking zou worden afgedaan.

De Hoge Raad oordeelde dat de middelen van cassatie niet tot cassatie konden leiden en dat geen nadere motivering nodig was, omdat de aangevoerde middelen geen rechtsvragen bevatten die van belang zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling. Het beroep werd derhalve verworpen.

Het arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter en de raadsheren Y. Buruma en M.T. Boerlage, en uitgesproken op 5 maart 2019.

Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de veroordeling voor lokalevredebreuk en drugsbezit.

Uitspraak

5 maart 2019
Strafkamer
nr. S 17/02387
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden, van 9 mei 2017, nummer 21/002981-16, in de strafzaak tegen:
[verdachte], geboren te [geboorteplaats] (Marokko) op [geboortedatum] 1994.

1.Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft B.P.M. Canoy, advocaat te Leeuwarden, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal E.J. Hofstee heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De raadsman heeft daarop schriftelijk gereageerd.

2.Beoordeling van de middelen

De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en M.T. Boerlage, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
5 maart 2019.