Conclusie
“verkrachting”veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van twaalf maanden, met aftrek als bedoeld in art. 27 Sr Pro. Voorts heeft het hof een aantal inbeslaggenomen voorwerpen verbeurd verklaard, van een aantal voorwerpen de teruggave aan de verdachte gelast, de vordering van de benadeelde partij tot een bedrag van € 1.000,00 toegewezen en aan de verdachte een schadevergoedingsmaatregel opgelegd, een en ander op de wijze vermeld in het arrest.
middelklaagt dat het hof de bewezenverklaring ten onrechte mede heeft doen steunen op een niet-wettig bewijsmiddel. De steller van het middel heeft het oog op de als bewijsmiddel 7 tot het bewijs gebezigde verklaring van getuige-deskundige A.D. Kloosterman, afgelegd ter terechtzitting in eerste aanleg van 7 april 2009. Nu het proces-verbaal van deze zitting niet is ondertekend mist het rechtskracht en kan de inhoud daarvan niet als bewijsmiddel worden gebruikt, aldus de steller van het middel.