ECLI:NL:HR:2006:AX3752
Hoge Raad
- Cassatie
- C.J.G. Bleichrodt
- A.J.A. van Dorst
- B.C. de Savornin Lohman
- J.W. Ilsink
- H.A.G. Splinter-van Kan
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt veroordeling voor medeplegen belastingfraude en behandelt redelijke termijn en waarborgsom
De Hoge Raad heeft op 12 september 2006 het cassatieberoep van verdachte verworpen tegen het arrest van het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 3 mei 2005. Verdachte was door het hof veroordeeld tot 20 maanden gevangenisstraf en een geldboete van € 250.000,- wegens medeplegen van het opzettelijk doen van onjuiste belastingaangiften namens een rechtspersoon.
In de procedure stond onder meer centraal de strafmotivering, waarbij het hof uitging van een fiscaal nadeel van € 1.071.786,- zoals vastgesteld in een vaststellingsovereenkomst tussen verdachte en de Belastingdienst. De Hoge Raad oordeelde dat het hof terecht dit bedrag als uitgangspunt nam en geen acht hoefde te slaan op het door verdachte aangevoerde fiscale pleitbare standpunt.
Verder werd de overschrijding van de redelijke termijn in eerste aanleg besproken. Hoewel de termijn met ruim vier maanden was overschreden, oordeelde het hof dat dit werd gecompenseerd door de voortvarende behandeling in hoger beroep. De Hoge Raad vond dit oordeel niet onbegrijpelijk. Ten slotte behandelde de Hoge Raad het verzoek tot opheffing van de voorlopige hechtenis en teruggave van de waarborgsom, waarbij werd geoordeeld dat het verzoek in hoger beroep niet als zelfstandig verzoek was gemotiveerd, maar dat teruggave alsnog kan worden verzocht bij de bevoegde rechter.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de veroordeling tot 20 maanden gevangenisstraf en een geldboete van € 250.000,- wordt bevestigd.