ECLI:NL:PHR:2011:BU4971
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over afbakening bedrijfsruimte bij huur en beroepsfout rechtshulpverlening
Eiseres huurde van KPN een monumentaal landgoed dat zij gebruikte voor luxe evenementen zoals vergaderingen, congressen, bruiloften en partijen. KPN zegde de huurovereenkomst op, waarna eiseres stelde dat het gehuurde als bedrijfsruimte in de zin van art. 7:290 BW Pro moest worden aangemerkt, waardoor de opzegging niet rechtsgeldig was. KPN vorderde een verklaring voor recht dat het gehuurde niet als bedrijfsruimte kon worden beschouwd, wat in eerste aanleg werd toegewezen.
Eiseres verzuimde hoger beroep in te stellen tegen deze uitspraak door een lid van de maatschap, die de rechtshulp verleende. De maatschap erkende de beroepsfout maar betwistte dat hierdoor schade was geleden, omdat het gehuurde inderdaad niet als bedrijfsruimte kwalificeerde. Rechtbank en hof wezen de schadevordering af, stellende dat geen kans op een betere uitkomst was verloren gegaan.
De Hoge Raad onderzocht de afbakening van het begrip bedrijfsruimte volgens art. 7:290 BW Pro, waarbij het essentieel is dat het bedrijf een voor het publiek toegankelijk lokaal heeft waar klanten zich ter plaatse begeven om zaken of diensten af te nemen. De bedrijfsvoering van eiseres richt zich echter op het faciliteren van evenementen voor genodigden, die niet als klanten ter plaatse komen voor directe consumptie. Hierdoor ontbreekt de vereiste plaatsgebondenheid en klantenkring die de wet beoogt te beschermen.
De Hoge Raad bevestigt dat de wettelijke afbakening, hoewel als onbevredigend ervaren, gerespecteerd moet worden. Het arrest van 4 oktober 1996 wordt in dit licht uitgelegd en ondersteunt de conclusie dat het gehuurde niet onder de bescherming van art. 7:290 BW Pro valt. Het cassatiemiddel wordt verworpen en de schadevordering afgewezen.
Uitkomst: De Hoge Raad oordeelt dat het gehuurde geen bedrijfsruimte is en wijst de schadevordering wegens beroepsfout af.