ECLI:NL:PHR:2011:BQ8198
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Veroordeling diefstal met valse sleutels en schadevergoeding na misbruik financieel vertrouwen
De zaak betreft een verdachte die tussen 2002 en 2005 geldbedragen van de bankrekening van een alleenstaande bejaarde vrouw heeft weggenomen door gebruik te maken van haar giromaatpas en creditcard met bijbehorende pincodes, welke hij rechtmatig onder zich had als haar financieel belangenbehartiger. Het Hof Den Haag veroordeelde hem tot 14 maanden gevangenisstraf wegens diefstal met valse sleutels en legde een schadevergoedingsmaatregel op van €16.700.
De verdachte voerde onder meer aan dat de gebruikte bewijsmiddelen niet zonder meer redengevend waren en dat hij de pas en pincode rechtmatig had verkregen, zodat geen sprake was van valse sleutels. De Hoge Raad oordeelde dat sommige bewijsmiddelen onvoldoende waren gemotiveerd, met name de handmatige overschrijvingen, maar dat andere bewijsmiddelen voldoende waren om de bewezenverklaring te dragen. Ook bevestigde de Hoge Raad dat het gebruik van een bankpas zonder toestemming als gebruik van een valse sleutel kwalificeert.
Verder oordeelde de Hoge Raad dat het Hof de strafmotivering voldoende had gegeven, rekening houdend met de ernst van het feit, de persoonlijke omstandigheden van de verdachte en eerdere veroordelingen. De Hoge Raad stelde vast dat de redelijke termijn in cassatie was overschreden en vermindert daarom de straf. Ten slotte verbeterde de Hoge Raad het arrest waar het ging om de alternatieve vergoedingsplicht tussen betaling aan de Staat en aan de benadeelde partij.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 14 maanden gevangenisstraf met aftrek van voorarrest en schadevergoeding van €16.700, met strafvermindering wegens termijnoverschrijding.