ECLI:NL:HR:2011:BQ8198
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- H.A.G. Splinter-van Kan
- M.A. Loth
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt arrest wegens onvoldoende motivering bewezenverklaring verduistering geld
In deze strafzaak stond de verdachte terecht voor verduistering van geldbedragen van een slachtoffer door gebruik te maken van diens giromaatpas en creditcard met bijbehorende pincodes. Het hof had bewezen verklaard dat verdachte tussen juli 2002 en november 2005 op meerdere plaatsen geld had weggenomen met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening.
De bewezenverklaring steunde op diverse bewijsmiddelen, waaronder verklaringen van het slachtoffer, diens zoon en de verdachte zelf, alsmede bankafschriften en overzichten van pintransacties. Het slachtoffer gaf aan nooit toestemming te hebben gegeven voor de transacties, terwijl verdachte toegaf geld te hebben gepind en gebruikt.
De Hoge Raad oordeelde echter dat enkele bewijsmiddelen, met name bankafschriften die geldbedragen van het slachtoffer naar de verdachte lieten zien, niet zonder meer redengevend waren voor de bewezenverklaring. Het hof had nagelaten te motiveren waarom deze bewijsmiddelen desondanks voor bewijs waren gebruikt. Hierdoor was het arrest niet voldoende gemotiveerd en werd het vernietigd.
De zaak werd terugverwezen naar het hof voor hernieuwde berechting en afdoening, waarbij het hof de bewezenverklaring beter moet motiveren. Verder bepaalde de Hoge Raad dat betaling door verdachte aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer de betalingsverplichting aan de benadeelde partij vervalt, en vice versa. Ook werd de strafhoogte vernietigd en verminderd, met uitzondering van het overige beroep dat werd verworpen.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering van de bewezenverklaring en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde berechting.