4.1 In cassatie kan van het volgende worden uitgegaan.
(i) [Eiser 1] was (indirect) statutair directeur en voor 30 % aandeelhouder van de besloten vennootschap NRCC B.V. (hierna: NRCC). Hij heeft zijn aandelen NRCC verkocht en op 11 augustus 1999 geleverd aan de vennootschap naar het recht van de staat Delaware, Predictive Systems (hierna ook: Predictive). Predictive heeft de koopprijs voldaan door levering van 318.844 eigen aandelen aan [eiser 1], welke aandelen niet dadelijk vrij verhandelbaar waren. Voorts is [eiser 1] in dienst getreden van (een dochtervennootschap van) Predictive.
(ii) De aandelen Predictive zijn met ingang van 27 oktober 1999 genoteerd aan de NASDAQ. De slotkoers die dag was $ 35,87.
(iii) In november 1999 zijn [eiser] c.s. met (een rechtsvoorgangster van) Fortis in overleg getreden over het beheer van hun vermogen. Op 14 april 2000 hebben partijen een overeenkomst tot vermogensbeheer (hierna: de beheersovereenkomst) gesloten. In bijlage I bij de beheersovereenkomst (Vastlegging van het Vermogen en de rekeningen) is opgenomen dat het vermogen van [eiser] c.s. zal worden ondergebracht op de rekeningen/effectendepots met de nummers [001] en [002], en dat het totaal te beleggen vermogen circa ƒ 40 miljoen bedraagt. In bijlage III (Tarieven) is onder meer opgenomen dat het beheer- en administratieloon 0,4 % per jaar bedraagt, maar de aandelen Predictive zijn daarvan uitdrukkelijk uitgezonderd. Het verschuldigde loon wordt - zo is met de hand gewijzigd en geaccordeerd - ten laste gebracht van rekening [002].
(iv) In april 2000 is - als uitvloeisel van een "secondary offering" - 10 % van [eiser 1]s aandelen Predictive verkocht. De opbrengst daarvan, groot $ 1.298.954,16, is bijgeschreven op rekening [002] en werd door Fortis beheerd. [Eiser 1] had daarna nog 286.960 aandelen Predictive (hierna ook wel: de resterende aandelen).
(v) [Eiser 1] mocht de resterende aandelen niet verkopen vóór 11 augustus 2000 (de "lock up"), terwijl het hem daarna slechts was toegestaan deze te verkopen in de maand volgend op die waarin Predictive haar kwartaalcijfers publiceerde. De maanden augustus 2000, november 2000 en februari 2001 behoorden tot deze periodes ("windows").
(vi) Tussen partijen is regelmatig de verkoop van de resterende aandelen aan de orde geweest, mede in verband met het (te verwachten) koersverloop daarvan. Eind 2000 was de koers van de aandelen Predictive gedaald tot $ 7,00.
(vii) Bij brief van 10 mei 2001 heeft de toenmalige raadsman van [eiser] c.s. aan Fortis geschreven dat deze zich niet heeft gedragen als een redelijk handelend vermogensbeheerder, en bovendien in strijd met de op haar uit hoofde van de beheersovereenkomst rustende verplichtingen. Namens [eiser] c.s. heeft hij Fortis aansprakelijk gesteld voor de door hen geleden schade.
(viii) De resterende aandelen Predictive zijn uiteindelijk verkocht tegen een koers van $ 0,40 per aandeel.