ECLI:NL:HR:2003:AF4595
Hoge Raad
- Cassatie
- R. Herrmann
- J.B. Fleers
- A. Hammerstein
- P.C. Kop
- F.B. Bakels
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid bestuurder voor niet-volstorting aandelen in failliete BV
De curator in het faillissement van Bas-C B.V. vorderde dat de bestuurder, tevens oprichter en enig aandeelhouder, werd veroordeeld tot volstorting van aandelen en aansprakelijk werd gesteld op grond van art. 2:180 lid 2 BW Pro. De rechtbank oordeelde dat de bestuurder niet aan zijn volstortingsplicht had voldaan en aansprakelijk was. Het hof stelde echter vast dat de bestuurder het bedrag niet daadwerkelijk op de rekening van de BV had gestort, maar dat hij een bedrag dat op de rekening stond, bestemde als volstorting, en wees de vordering af.
De Hoge Raad stelt dat volstorting vereist dat het bedrag daadwerkelijk aan de vennootschap ter beschikking wordt gesteld vóór of bij oprichting, en dat het gebruik van middelen die reeds tot het vermogen van de vennootschap behoren, niet als volstorting kan gelden. De stelling van de bestuurder dat hij het bedrag had geleend en later afgelost, kan hem niet baten omdat dit na het vereiste tijdstip gebeurde.
Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen naar een ander hof voor verdere behandeling. De Hoge Raad veroordeelt de bestuurder in de proceskosten.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor verdere behandeling.