Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Ontstaan en loop van het geding
2.Feiten
fair value). De verplichtingen jegens cliënten worden eveneens gewaardeerd op
fair value. Mutaties in de waarde van op
fair valuegewaardeerde beleggingen en overig beleggingsrendement (in de vorm van rentebaten) leiden, behoudens aan belanghebbende en aan haar gelieerde groepslichamen toekomende vergoedingen en ondergeschikte kosten, tot dienovereenkomstige mutaties in de waarde van de verplichtingen jegens cliënten.
Principal activity
court orderinzake de overname van
de entire long term insurance businessvan Pensions door belanghebbende staat - voor zover relevant - het volgende vermeld:
‘Excluded Proceedings’en
‘Proceedings’zijn als volgt gedefinieerd in een document dat is opgesteld overeenkomstig Part VII van de Financial Services and Markets Act 2000 betreffende de overdracht van de gehele onderneming van Pensions naar [G] (thans: belanghebbende):
“Excluded Proceedings”all legal proceedings instituted by the Transferor in any member state of the European Union for the reclaim of tax on the ground that the relevant tax has been imposed or withheld in contravention of the Treaty on the Functioning of the European Union;
continuity of Proceedings:
3.Geschil en conclusies van partijen
4.Gronden
Ontvankelijkheid
‘proceedings’zijn aan te merken en niet als
‘excluded proceedings’en stelt dat daarom de rechten op opbrengsten uit de teruggaafverzoeken en ook de procesrechten zijn overgegaan van Pensions naar belanghebbende (zie 2.19 en 2.20), waardoor belanghebbende de juiste rechtspersoon is geweest die de procedure heeft gevoerd ten aanzien van de namens Pensions ingediende teruggaafverzoeken.
A) Is belanghebbende de opbrengstgerechtigde?
policy documentszien op niet in geschil zijnde jaren en daarmee niet van belang zijn voor deze zaak.
De inspecteur stelt vervolgens dat sprake is van
asset poolingen daarmee van het beleggen van vermogen voor de gemeenschappelijke rekening van twee of meer deelgerechtigden, de polishouders; zij zijn dan ook de opbrengstgerechtigden vanwege hun indirecte recht met vermogenswaarde, terwijl belanghebbende zelf geen directe of indirecte economische aanspraak op het vermogen heeft. Belanghebbende is slechts
asset managervoor de mandjes, die op zichzelf bezien afgescheiden vermogens vormen. De inspecteur stelt verder dat de civielrechtelijke gerechtigdheid leidend is en dat belanghebbende ook daarom niet de opbrengstgerechtigde is. Hoewel de
credit adviceszijn uitgereikt aan belanghebbende is daarmee nog niet duidelijk of belanghebbende de eindbelegger is of slechts beheerder/bewaarder van aandelen die geclusterd zijn en corresponderen met de mandjes. Ten slotte heeft de inspecteur ter zitting gesteld dat belanghebbende zelf, in het kader van de
competent authority agreement, voor latere jaren schriftelijk heeft verklaard dat niet belanghebbende, maar de polishouders de opbrengstgerechtigden zijn.
absolute beneficial owneren heeft ook absolute zeggenschap over de investeringen, aldus belanghebbende. Niet doorslaggevend is bij wie de juridische eigendom ligt. Belanghebbende stelt vervolgens dat naar het recht van het Verenigd Koninkrijk belanghebbende in civielrechtelijke zin is gerechtigd tot de opbrengsten van de dividenden en houder van die aandelen is en verwijst daarbij naar de opinie van Linklaters (zie 2.26). Belanghebbende betwist ten slotte dat zij heeft aangegeven dat de polishouders opbrengstgerechtigden zijn.
beneficial owneris. Anders dan de inspecteur verdedigt, hebben de polishouders slechts een vermogensrecht waarvan de waarde is afgeleid van de aandelen waarin belanghebbende belegt. Van dit ‘indirecte recht’ kan niet worden gezegd dat daarmee de polishouders de eindbeleggers zijn. De mandjes hebben slechts een administratieve functie en vormen naar het oordeel van het hof geen afgescheiden vermogen (zie 2.6). Belanghebbende is dus in economische zin gerechtigd tot de dividenden. Bovendien heeft belanghebbende, zo volgt uit die voorwaarden, de (absolute) zeggenschap over de dividenden. Belanghebbende is, hoewel zij behalve wat betreft de hoogte van de beheersvergoeding geen risico loopt ten aanzien van de beleggingen, daarmee rechtstreeks gerechtigd tot de opbrengsten. Dat ook vanuit het Britse giraal effectenrecht aannemelijk is dat belanghebbende opbrengstgerechtigde is, volgt naar het oordeel van het hof uit de door belanghebbende ingebrachte opinie van Linklaters. Ten slotte vormt het eerst ter zitting ingenomen standpunt van de inspecteur dat belanghebbende heeft verklaard dat de polishouders de opbrengstgerechtigden zouden zijn een blote stelling die niet verder is onderbouwd, terwijl belanghebbende die stelling alleen al in de pleitnota voor de zitting van 7 oktober 2022 voldoende heeft weersproken. De inspecteur heeft zonder nader bewijs zijn stelling niet aannemelijk gemaakt.
B) Is belanghebbende de uiteindelijk gerechtigde?
Is belanghebbende vergelijkbaar met een in Nederland vrijgesteld pensioenfonds?
A SCPI-arrest [8] toch als vrijgesteld pensioenlichaam worden behandeld; de grensoverschrijdende situatie wordt namelijk ondanks dat het objectieve voorwaarden betreft minder gunstig behandeld dan de situatie van een in Nederland gevestigd en vrijgesteld pensioenfonds.
A SCPI-arrestniet kan slagen. Dat Nederland en het Verenigd Koninkrijk verschillende voorwaarden stellen aan pensioenregelingen is een dispariteit. [11] Dat na de in geschil zijnde jaren een wijziging in het Belastingverdrag heeft plaatsgevonden waarin Nederland en het Verenigd Koninkrijk elkaars pensioenregelingen erkennen leidt in deze zaak niet tot een ander oordeel; relevant is immers de situatie in de in geschil zijnde jaren.
Heeft belanghebbende op grond van het Unierecht recht op teruggaaf van dividendbelasting omdat zij niet zwaarder mag worden belast dan een met haar vergelijkbare binnenlands belastingplichtige die is onderworpen aan de heffing van vennootschapsbelasting (drukvergelijking)?
Societé Génerale [12] , College Pension Plan of British Columbia [13] (hierna: CPPBC) en
Commisie/Finland [14] . Het HvJ EU heeft de in de tussenuitspraak gestelde prejudiciële vraag als volgt beantwoord:
de unit linked verplichtingenen dus toch vennootschapsbelasting verschuldigd zou zijn, leidt niet tot een ander oordeel. Van vermogensbeheer is in dit geval geen sprake, reeds omdat de aandelen niet op naam van de cliënten zijn gekocht. Belanghebbende beheert aldus niet het vermogen van die cliënten.
5.Beslissing
de Hoge Raad der Nederlanden via het webportaal van de Hoge Raad www.hogeraad.nl.
de Hoge Raad der Nederlanden (belastingkamer), postbus 20303, 2500 EH Den Haag.Alle andere personen en gemachtigden die beroepsmatig rechtsbijstand verlenen, zijn in beginsel verplicht digitaal te procederen (zie
www.hogeraad.nl).