ECLI:NL:GHSHE:2019:1207
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Herziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herzieningsverzoek navorderingsaanslagen inkomstenbelasting over 1997-2000
Verzoekster heeft navorderingsaanslagen inkomstenbelasting over de jaren 1997 tot en met 2000 ontvangen en hiertegen bezwaar, beroep en hoger beroep ingesteld. Het Hof heeft op 7 maart 2014 uitspraak gedaan, waarna verzoekster cassatieberoep instelde dat niet-ontvankelijk werd verklaard. Vervolgens verzocht verzoekster om herziening van de uitspraak op grond van nieuwe feiten.
Het herzieningsverzoek betrof de stelling dat twee fondsen rentefondsen waren, met een lager rendement van 3% in plaats van het gehanteerde 6%, wat invloed zou hebben op de navorderingsaanslagen. Het Hof oordeelde dat deze feiten redelijkerwijs al vóór de uitspraak van 7 maart 2014 bekend hadden kunnen zijn, mede omdat verzoekster zelf informatie had opgevraagd bij buitenlandse banken en zelfs naar Luxemburg was gereisd.
Daarnaast was niet vastgesteld dat het daadwerkelijk rentefondsen betrof, en zelfs indien dit zo was, zou de destijds geldende tegenbewijsregeling van toepassing zijn geweest. Omdat niet aan de cumulatieve voorwaarden van artikel 8:119 Awb Pro werd voldaan, wees het Hof het verzoek om herziening af. Proceskosten werden niet toegewezen.
Uitkomst: Het herzieningsverzoek wordt afgewezen omdat de feiten redelijkerwijs al vóór de eerdere uitspraak bekend konden zijn en geen andere uitspraak zouden rechtvaardigen.