ECLI:NL:GHLEE:2008:BC8793
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Knijp
- Verschuur
- Keur
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging vonnis inzake beroepsfout en verjaring bij melkquotumzaak
In deze civiele zaak vordert appellant vergoeding van schade wegens vermeende beroepsfouten van zijn advocaat Tuinman Sleijfer, die geen beroep instelde tegen een ministerieel besluit over melkquotum voor karnemelk. Appellant stelt dat hierdoor schade is ontstaan door het niet toekennen van melkquotum en de daaruit voortvloeiende kosten en opbrengstderving.
Het hof overweegt dat de verjaringstermijn van vijf jaar op grond van artikel 3:310 lid 1 BW Pro begint te lopen zodra appellant daadwerkelijk in staat was een rechtsvordering in te stellen, namelijk toen hij wist dat geen beroep was ingesteld. Dit was ruim voor de dagvaarding, zodat de vordering verjaard is. Ook een gestelde erkenning van aansprakelijkheid door de advocaat en een vermeende afspraak tot uitstel van aansprakelijkstelling bieden geen grond voor opschorting van de verjaring.
Voorts oordeelt het hof dat de advocaat niet onzorgvuldig heeft gehandeld bij het indienen van het verzoek in 1998 en in de bezwaar- en beroepsprocedures. De minister had het verzoek opgevat als een verzoek tot herziening van een definitief besluit, wat niet onredelijk was. Appellant heeft onvoldoende gesteld om het bewijsaanbod te honoreren dat de advocaat onrechtmatig zou hebben gehandeld.
Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank van 14 december 2005, wijst de vorderingen af en veroordeelt appellant in de kosten van het hoger beroep. De subsidiaire vorderingen worden eveneens afgewezen wegens verjaring en onvoldoende onderbouwing.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en wijst de vorderingen van appellant af wegens verjaring en onvoldoende bewijs van beroepsfout.