ECLI:NL:GHDHA:2026:1907
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen legesheffing verhuurvergunning gemeente Leiden wegens schending evenredigheidsbeginsel
Belanghebbende diende een aanvraag in voor een verhuurvergunning in Leiden waarvoor een legesbedrag van € 938,50 werd geheven. De Rechtbank verklaarde het beroep gegrond en wees de zaak terug naar de Heffingsambtenaar voor nadere specificatie van de kostenramingen.
In hoger beroep betwistte belanghebbende de hoogte van het legestarief en stelde dat het tarief onevenredig was voor verhuurders met een klein aantal woningen. Het Hof oordeelde dat de opbrengstlimiet niet werd overschreden, maar dat de gemeente onvoldoende inzicht gaf in de belangenafweging bij het vaststellen van het vaste tarief.
Het Hof concludeerde dat sprake was van een onzorgvuldige voorbereiding en gebrekkige motivering, waardoor het tarief buiten toepassing werd gelaten en de aanslag werd vernietigd. Tevens werden proceskosten en griffierecht aan belanghebbende vergoed.
Uitkomst: De legesaanslag voor de verhuurvergunning wordt vernietigd wegens schending van het evenredigheidsbeginsel en onvoldoende motivering.