ECLI:NL:HR:2009:BI1968
Hoge Raad
- Cassatie
- J.W. van den Berge
- C.J.J. van Maanen
- C. Schaap
- A.H.T. Heisterkamp
- M.W.C. Feteris
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en verwijzing inzake aanslag rioolafvoerrecht wegens onduidelijke lastentoerekening
Aan belanghebbende is voor het jaar 2001 een aanslag in het rioolafvoerrecht opgelegd door de gemeente Roosendaal. Na bezwaar handhaafde de heffingsambtenaar de aanslag, maar het hof verklaarde het beroep gegrond en vernietigde zowel de uitspraak als de aanslag. Het college van burgemeester en wethouders stelde hiertegen cassatieberoep in.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof onvoldoende inzicht heeft gegeven in zijn motivering, met name over de vraag of de heffingsambtenaar de vereiste nadere inlichtingen heeft verstrekt over de lastenraming. Tevens miskent het hof dat de bewijslast voor het verstrekken van inzichtelijke en controleerbare gegevens bij de heffingsambtenaar ligt en niet bij de belanghebbende.
De Hoge Raad stelt dat indien de belanghebbende twijfels uit over bepaalde posten in de lastenraming, de heffingsambtenaar nadere informatie moet geven om deze twijfel weg te nemen. Indien de belanghebbende de juistheid van die gegevens betwist, rust op hem de bewijslast. Gezien deze uitgangspunten vernietigt de Hoge Raad het arrest van het hof en verwijst de zaak naar het gerechtshof Arnhem voor verdere behandeling met inachtneming van dit arrest.
De Hoge Raad acht geen aanleiding voor een veroordeling in proceskosten en spreekt het arrest uit in aanwezigheid van de raadsheren en de vice-president.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt verwezen naar het gerechtshof Arnhem voor verdere behandeling.