Uitspraak
arrest van 9 juni 2015
[appellant] ,
Street-One Modehandel B.V.,
Het geding
Beoordeling van het hoger beroep
De feiten
“POS-overeenkomst met betrekking tot een systeemoppervlak “Store”(waarbij POS staat voor Point Of Sale) gesloten betreffende de levering van merkkleding van Street One aan [appellant] (in de POS-overeenkomst aangeduid als "de systeempartner") en diens recht op verkoop daarvan
"met duidelijke nadruk op de handelsnaam van Street One"in de winkel te [plaats 1] . Partijen hebben deze overeenkomsten gesloten voor de duur van vijf jaar.
“Grondslagen van het systeem”:
- de systeempartner biedt steeds een nieuw en actueel assortiment Street One kleding aan in de winkel;
- Street One verplicht zich steeds actuele maandcollecties aan te bieden;
- de systeempartner neemt deel aan de twaalf jaarlijkse ordertermijnen van het merk en stelt op basis van een overeengekomen jaarplanning voor de respectievelijke maandcollectie een passend budget ter beschikking;
- de systeempartner maakt gebruik van de in de POS-overeenkomst genoemde modules van Street One en neemt deel aan gegevensuitwisseling via het netwerk van Street One;
- ter versterking van de presentatie van de producten geeft Street One een specifiek aan het merk aangepast en regelmatig geactualiseerd advies voor de presentatie van de kleding. De systeempartner implementeert deze adviezen in overeenkomstige zin;
- de resultaten van de winkel worden regelmatig besproken. In samenwerking worden maatregelen overeengekomen die het succes van de winkel ondersteunen.
“Positie van de systeempartner”is onder meer bepaald dat de systeempartner
- een zelfstandig ondernemer is, die de Street One kleding in eigen naam en voor eigen rekening koopt en verkoopt;
- er zorg voor draagt dat ieder gedrag dat het imago van de winkel en/of van het merk Street One in zijn geheel schade toebrengt onmiddellijk wordt gestaakt;
- buiten de winkel waar de overeenkomst betrekking op heeft jegens Street One niet aan enig concurrentiebeding gebonden is;
- vrij is in de vaststelling van zijn verkoopprijzen voor de kleding van Street One.
“De partner mag het merkteken van Street One enkel in samenspraak met Street One gebruiken, en dit ofwel in overeenstemming met de door Street One vastgestelde marketing toolbox, ofwel op basis van schriftelijk vastgelegde individuele afspraken”;
“Ter ondersteuning van de presentatie en de verkoop van het merk verleent Street One aan de systeempartner de herroepbare toestemming om het handelsmerk en de merknaam (…)”;
“Partijen zijn het erover eens dat de systeempartner in geen enkel geval rechten heeft op of met betrekking tot het merk Street One en dat de systeempartner dit merk niet voor zijn eigen bedrijf mag gebruiken”;
“Bij beëindiging van de overeenkomst verplicht de systeempartner zich ertoe het verdere gebruik van de merknaam Street One (...) te staken”.
) fouten bevat, dat Street One onrechtmatig heeft gehandeld en dat [appellant] mogelijk een beroep op dwaling toekomt (…) is evenwel niet zonder meer op voorhand uit te sluiten”en
) neemt per 1 april 2012 de alsdan aanwezige voorraad over tegen verrekening van de inkoopprijs (…);
) in de gelegenheid worden gesteld de inventaris per 1 april 2012 (…) over te nemen en uit de winkel te [plaats 2] te verwijderen
- onjuiste prognoses en/of informatie heeft verschaft voor het aangaan van de overeenkomsten;
- de bank van [appellant] onjuist (te positief) heeft voorgelicht;
- haar verplichting tot het verlenen van advies en bijstand niet deugdelijk is nagekomen;
- hem heeft verplicht tot te veel afname;
- haar leveringsverplichtingen (na de ontbindingsbrief van 7 november 2011) niet is nagekomen;
- hem als franchisenemer ten onrechte in strijd met het merkenrecht en het mededingingsrecht heeft verboden een website of –shop onder de naam www.streetone.nl, www.streetonebarneveld.nl en/of www.streetonewijchen.nl te exploiteren;
- toerekenbaar tekort is geschoten in de nakoming van de tussen partijen op 24 februari 2012 getroffen schikkingsovereenkomst.
Onjuiste prognose en/of informatie voor het aangaan van de overeenkomsten?
uitsluitendtoekomstige omstandigheid betreft indien de prognose is gebaseerd op een onjuiste voorstelling van ten tijde van het sluiten van de overeenkomst bestaande omstandigheden of verkeerde, op dat moment reeds bekende, uitgangspunten dan wel andere (ernstige) fouten in de onderbouwing en/of de berekening van de prognose. Indien daarvan sprake zou zijn, zou dat een grond kunnen zijn voor vernietiging van de overeenkomsten wegens dwaling en tevens voor aansprakelijkheid van Street One op een van de andere grondslagen, indien haar ter zake een verwijt valt te maken (vgl. HR 19 februari 1993, ECLI:NL:HR: 1993: ZC0868 en HR 25 januari 2002, ECLI:NL:HR:2002:AD7329).
Geen (deugdelijk) geïndividualiseerd vestigingsplaatsonderzoek
Uitgegaan van onjuist vloeroppervlak van de winkel [plaats 1]
Street Oneaanvankelijk is uitgegaan van een onjuist vloeroppervlak van de winkel in [plaats 1] en dat hij, [appellant] , dat niet wist.
Te zijn uitgegaan van te lage kosten en een te laag afprijzingspercentage
Geen rekening gehouden met lagere omzet in aanloopfase en negatieve marktruimte
“If the store is smaller than 130 sqm we have to discuss it again”.
vergelijkbarewinkels van de categorie “Local” en dat zij de gegevens heeft gezonden zonder tussenkomst van en zonder toezending aan [appellant] . Bij mail van 12 mei 2010 verzoekt [appellant] [medewerker K] de Rabobank nadere informatie te verschaffen en zendt hij een mail van de Rabobank door, waarin de Rabobank vraagt om omzetten van andere Street One vestigingen in de omgeving [plaats 1] (productie 12 S hb). Aan dit verzoek heeft [medewerker K] voldaan in voormelde mail van 17 mei 2010, waarbij hij er nog op wijst dat het gaat om cijfers van Street One winkels rondom de plaats [plaats 1] . (productie 13 S hb) Hiermee heeft [medewerker K] aan het verzoek van de bank voldaan. Niet meer en niet minder. Daarvan valt Street One geen verwijt te maken. Onder de aan de bank gezonden gegevens bevond zich overigens informatie over de omzet van de winkel in Ede, die aanzienlijk lager was dan de omzet in de prognose voor [plaats 1] . Bij mail van dezelfde datum (productie 12 S hb) laat [medewerker K] [appellant] weten “de stukken” te hebben gemaild. De stelling van [appellant] dat de gegevens aan de bank zijn verschaft zonder tussenkomst van [appellant] kan het hof, gelet op het bovenstaande, dan ook niet volgen. Als [appellant] de informatie zelf had willen hebben had hij daarom kunnen en moeten vragen. Dat [medewerker K] niet uit zichzelf kopieën aan [appellant] heeft gezonden is, nu [appellant] op de hoogte was van de contacten tussen de bank en Street One, op zichzelf niet onrechtmatig.
- dat de principale grieven 21 tot en met 25 (deze laatste grief voor zover), gericht tegen het oordeel van de rechtbank dat Street One niet tekort is geschoten in de nakoming van haar uit de POS-overeenkomsten voortvloeiende verplichtingen tot advies en bijstand, geen behandeling behoeven;
- dat de stelling van [appellant] dat Street One overigens in de nakoming van haar verplichtingen uit de POS-overeenkomsten tekort is geschoten door [appellant] te verplichten tot te veel afname of door haar leveringsverplichtingen niet na te komen geen behandeling behoeven en de daarop gebaseerde vorderingen niet voor toewijzing in aanmerking komen;
- dat Street One de POS-overeenkomsten niet kon ontbinden en [appellant] ter zake geen schadevergoeding verschuldigd is, zodat de in reconventie door Street One gevorderde verklaring voor recht dat de POS-overeenkomsten zijn ontbonden en veroordeling tot schadevergoeding ter zake alsnog dienen te worden afgewezen en
als franchisenemer op grond van de POS-vereenkomstenniet mocht beperken in de mogelijkheden van passieve verkoop door hem te verbieden de domeinnaam streetone.nl (of een domeinnaam met streetone als bestanddeel) te gebruiken voor de exploitatie van een webshop, niet kan slagen en niet tot toewijzing van de daarop gebaseerde vordering kan leiden (nu [appellant] zich in dit verband slechts beroept op haar rechten uit de POS-overeenkomsten (zie punten 8.131 -133 en 8.141 ev MvG) en niet gemotiveerd heeft gesteld dat dat verbod ook ontoelaatbaar was bij gebreke van de POS-overeenkomsten), zodat deze stelling geen behandeling behoeft.
Ad I. Imagoschade
Over en weer tekortschieten in de nakoming van de schikkingsovereenkomst
Ad III De vordering van Street One van € 31.955,56 ter zake van leveranties.
Ad IV Juridische kosten Street One
Ad V Buitengerechtelijke kosten [appellant]
Ad VI Proceskosten
Beslissing
- een bedrag van € 7.073,94;
- een bedrag van € 11.007,50, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de dag der dagvaarding tot de dag der algehele voldoening;
- een bedrag van € 2.842, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de dag der dagvaarding tot de dag der algehele voldoening;