Uitspraak
[woonplaats](hierna: belanghebbende)
heffingsambtenaarvan het
Noordelijk Belastingkantoor(hierna: de heffingsambtenaar)
1.Ontstaan en loop van het geding
2.Vaststaande feiten
- i) bezwaarschrift en hoorzitting: 2 punten,
- ii) de waarde per punt die is neergelegd in onderdeel B2 van de bijlage bij het Besluit (€ 296), zoals die waarde op 24 februari 2023 gold voor besluiten genomen op grond van een wettelijk voorschrift inzake belastingen, en
- iii) de in onderdeel C1 van de bijlage bij het Besluit opgenomen wegingsfactor van zeer licht: 0,25.
3.Geschil
4.Beoordeling van het geschil
1.Wegingsfactor C1 (gewicht van de zaak)
- voor vergoeding alleen die kosten in aanmerking komen die men redelijkerwijs heeft moeten maken. Hierbij geldt de zogenaamde dubbele redelijkheidstoets. Niet alleen moet de omvang van de kosten redelijk zijn, maar ook het maken van de kosten als zodanig – bijvoorbeeld door het inroepen van rechtsbijstand – moet redelijk zijn (Kamerstukken II 1991/92, 22 495, nr. 3, blz. 154, en Kamerstukken I 1999/00, 27 024, nr. 3, blz. 10).
5.Griffierecht en proceskosten
6.Beslissing
de Hoge Raad der Nederlanden via het webportaal van de Hoge Raad www.hogeraad.nl.
de Hoge Raad der Nederlanden (belastingkamer), postbus 20303, 2500 EH Den Haag.Alle andere personen en gemachtigden die beroepsmatig rechtsbijstand verlenen, zijn in beginsel verplicht digitaal te procederen (zie
www.hogeraad.nl).