Uitspraak
Innova
[geïntimeerde]
1.Het verdere verloop van de procedure in hoger beroep
Bol.comen
Capabel. [1]
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
In deze civiele procedure heeft het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden op 4 februari 2025 arrest gewezen in hoger beroep van Innova Energie B.V. tegen een consument die niet is verschenen in hoger beroep. Het geschil betreft de toepassing van artikel 6:230v lid 3 BW, dat voorschrijft dat de bestelknop bij overeenkomsten op afstand duidelijk moet maken dat een bestelling een betalingsverplichting inhoudt.
Het hof verwijst naar zijn tussenarrest van 23 april 2024 en het arrest van de Hoge Raad van 4 oktober 2024, waarin is bevestigd dat een knop met alleen de tekst “bestelling plaatsen” of “Verzenden” niet voldoet aan deze informatieplicht. Het hof oordeelt dat de schending van deze informatieplicht een sanctie vereist, maar omdat de consument niet is verschenen, kan de overeenkomst slechts gedeeltelijk worden vernietigd.
De kantonrechter had de overeenkomst volledig vernietigd, maar het hof past een korting van een derde toe op de betalingsverplichting van de consument, wat een evenwichtige en afschrikwekkende sanctie vormt zonder een onevenredige last voor Innova. Subsidiaire vorderingen uit onverschuldigde betaling en ongerechtvaardigde verrijking worden afgewezen omdat de gedeeltelijke vernietiging de rechten van de consument voldoende beschermt.
Het hof veroordeelt de consument tot betaling van €1.478,08 plus wettelijke rente en incassokosten, en wijst de proceskosten toe aan Innova. Het vonnis van de kantonrechter wordt vernietigd en het hoger beroep wordt deels toegewezen.
Uitkomst: Het hof past een korting van een derde toe op de betalingsverplichting en wijst het hoger beroep deels toe.