Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBROT:2023:2089

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
3 maart 2023
Publicatiedatum
13 maart 2023
Zaaknummer
10256760 CV EXPL 22-39370
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:230v lid 3 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Prejudiciële vragen over bestelknop en vernietiging overeenkomst bij niet-naleving artikel 6:230v lid 3 BW

In deze civiele procedure tussen Bol.com B.V. en een niet-verschijnende gedaagde staat de toepassing van artikel 6:230v lid 3 van het Burgerlijk Wetboek centraal. De kantonrechter overweegt prejudiciële vragen te stellen aan de Hoge Raad over de vraag of een bestelknop met teksten als 'bestellen' voldoet aan de wettelijke vereisten.

Daarnaast wordt onderzocht of bij niet-naleving van dit wetsartikel in verstekzaken de gehele overeenkomst ambtshalve vernietigd moet worden, of dat gedeeltelijke vernietiging mogelijk is waarbij bijvoorbeeld de betalingsverplichting van de consument kan worden verminderd. Deze vragen zijn relevant omdat hierover in de rechtspraak uiteenlopende opvattingen bestaan.

Bol.com wordt in de gelegenheid gesteld om zich over het voornemen en de vragen uit te laten. De procedure bij de Hoge Raad wordt toegelicht, waarbij partijen schriftelijke opmerkingen kunnen maken zonder griffierechten te betalen. De kantonrechter wijst erop dat het niet redelijk is om de kosten aan de niet-verschijnende gedaagde op te leggen.

De zaak wordt verwezen naar een rolzitting op 29 maart 2023 waar Bol.com zich kan uitlaten over het voornemen tot het stellen van prejudiciële vragen. Het vonnis is gewezen door kantonrechter M. Fiege en in het openbaar uitgesproken.

Uitkomst: De zaak wordt verwezen naar een rolzitting voor het stellen van prejudiciële vragen aan de Hoge Raad over de bestelknop en vernietiging van de overeenkomst.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

locatie Rotterdam
zaaknummer: 10256760 CV EXPL 22-39370
datum uitspraak: 3 maart 2023
Vonnis van de kantonrechter
in de zaak van
Bol.com B.V.,
vestigingsplaats: Amsterdam,
eiser,
gemachtigde: GGN Mastering Credit B.V.,
tegen
[gedaagde01],
vestigingsplaats: [vestigingsplaats01] ,
gedaagde,
die niet in de procedure is verschenen.

1..De procedure

1.1.
Het dossier bestaat uit de volgende processtukken:
  • de dagvaarding van Bol.com;
  • de rolbeslissing van 18 januari 2023;
  • de akte van Bol.com.
[gedaagde01] is niet in de procedure verschenen. Tegen haar is verstek verleend.

2..De beoordeling

2.1.
De kantonrechter is voornemens om in twee zaken tegelijk prejudiciële vragen te stellen aan de Hoge Raad die verband houden met de toepassing van artikel 6:230v lid 3 van het Burgerlijk Wetboek (BW). Een van die twee zaken is deze zaak. De vragen in beide zaken zijn niet hetzelfde. In deze zaak gaat het om de volgende vragen:
1. Voldoet een knop met daarop alleen de tekst ‘bestellen’, ‘bestelling plaatsen’ of ‘bestelling afronden’ aan artikel 6:230v lid 3 BW?
2. Moet de rechter in verstekzaken ambtshalve de gehele overeenkomst vernietigen als niet voldaan is aan artikel 6:230v lid 3 van BW?
3. Als de overeenkomst niet geheel vernietigd wordt, mag of moet de rechter de overeenkomst dan gedeeltelijk vernietigen in die zin dat de betalingsverplichting van de consument wordt verminderd als niet is voldaan aan artikel 6:230v lid 3 BW?
2.2.
De vragen stellen aan de orde of de tekst op de bestelknop voldoet aan artikel 6:230v lid 3 BW en wat de gevolgen daarvan moeten zijn in een verstekzaak zoals deze. Hierover wordt namelijk in de rechtspraak anders gedacht en beslist.
2.3.
Bol.com wordt in de gelegenheid gesteld om zich uit te laten over het voornemen tot het stellen van prejudiciële vragen en over de vragen zelf.
2.4.
Over de procedure bij de Hoge Raad wordt alvast het volgende overwogen. De Hoge Raad zal partijen in de gelegenheid stellen schriftelijke opmerkingen te maken, tenzij de Hoge Raad direct beslist dat hij de vragen niet in behandeling zal nemen. Partijen zijn niet verplicht om schriftelijke opmerkingen te maken. De Hoge Raad zal de kosten die partijen bij de Hoge Raad hebben gemaakt (als zij besluiten schriftelijke opmerkingen te maken) begroten en de kantonrechter zal uiteindelijk over de proceskosten beslissen. Partijen hoeven voor deze procedure bij de Hoge Raad geen griffierecht te betalen. Daarbij wordt vast overwogen dat het niet voor de hand ligt om [gedaagde01] – die in deze procedure niet is verschenen – voor de kosten te laten opdraaien.

3..De beslissing

De kantonrechter:
3.1.
verwijst de zaak naar de rolzitting van
dinsdag 29 maart 2023 om 13:30 uur,op welke rolzitting Bol.com zich mag uitlaten over het voorgaande.
Dit vonnis is gewezen door mr. M. Fiege en in het openbaar uitgesproken.
371