Uitspraak
1.De prejudiciële procedure
2.Inleiding en samenvatting
3.Uitgangspunten en feiten
4.Beantwoording van de prejudiciële vragen
5.Beslissing
4 oktober 2024.
Hoge Raad
In deze prejudiciële beslissing beantwoordt de Hoge Raad vragen over de uitleg van art. 6:230v lid 3 BW, die voorschrijft dat een bestelknop op een website ondubbelzinnig moet aangeven dat het plaatsen van een bestelling een betalingsverplichting inhoudt. De zaak betreft een consument die via Bol.com bestellingen plaatste door te klikken op een knop met de tekst 'bestelling plaatsen', maar niet betaalde.
De Hoge Raad volgt het HvJEU-arrest Fuhrmann en oordeelt dat de tekst 'bestelling plaatsen' niet in de Nederlandse omgangstaal noodzakelijkerwijs en consistent wordt geassocieerd met het aangaan van een betalingsverplichting. Daarom voldoet zo'n knop niet aan de wettelijke eis. Dit geldt ook voor teksten als 'bestellen' of 'bestelling afronden'.
Verder stelt de Hoge Raad dat in verstekzaken de rechter niet ambtshalve de overeenkomst volledig mag vernietigen, maar deze slechts gedeeltelijk moet vernietigen zodat de rechten van de consument behouden blijven en de betalingsverplichting voor zover nodig in stand blijft om een onevenredige sanctie voor de handelaar te voorkomen. Indien de consument in rechte verschijnt en zich niet verzet tegen vernietiging, kan de rechter de overeenkomst volledig vernietigen.
De beslissing benadrukt het belang van een evenwichtige sanctie die de consument beschermt zonder de belangen van de handelaar onredelijk te schaden. De rechter wordt aanbevolen bij gedeeltelijke vernietiging een korting van ongeveer een derde op de betalingsverplichting toe te passen. De uitspraak draagt bij aan rechtszekerheid en uniforme toepassing van consumentenrechtelijke regels omtrent bestelknoppen.
Uitkomst: Een bestelknop met alleen 'bestelling plaatsen' voldoet niet aan de wettelijke eis; in verstekzaken moet de rechter de overeenkomst gedeeltelijk vernietigen.