Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM - LEEUWARDEN
[Z](hierna: belanghebbende)
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Belanghebbende, directeur en enig werknemer van een BV, ontving een nettoloon lager dan het overeengekomen brutoloon. De Belastingdienst legde navorderingsaanslagen en vergrijpboeten op wegens niet-ingehouden loonheffing over 2006-2010. De rechtbank en het gerechtshof ’s-Hertogenbosch hadden de boeten verminderd en deels gegrond verklaard.
De Hoge Raad vernietigde het eerdere hofarrest en verwees de zaak terug voor verdere beoordeling. Het huidige hof oordeelt dat het verschil tussen bruto- en nettoloon voor 2006 en 2007 vorderbaar en inbaar was door verrekening met een rekening-courantschuld, zodat belanghebbende dit loon heeft genoten. Voor 2008-2010 was dit niet aannemelijk.
Verder bevestigt het hof dat belanghebbende wist dat loonheffing niet werd afgedragen en dat hij bewust onjuiste aangiften deed, waardoor de vergrijpboeten terecht zijn opgelegd. De navorderingsaanslagen voor 2008-2010 worden verminderd overeenkomstig het daadwerkelijk genoten loon. De proceskosten worden deels vergoed aan belanghebbende.
Uitkomst: Het hof vermindert de navorderingsaanslagen voor 2008-2010, bevestigt de boeten en veroordeelt de Inspecteur in proceskosten.