Uitspraak
kantoorhoudende te [kantoorplaats].
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
In deze zaak stond het hoger beroep centraal tegen de beslissing van de kantonrechter die het beroep van betrokkene tegen een verhoging van een administratieve sanctie onder de Wegenverkeerswet (WAHV) ongegrond verklaarde.
De betrokkene had bezwaar gemaakt tegen een verhoging van € 200,- die van rechtswege werd toegepast wegens niet-tijdige betaling van de oorspronkelijke sanctie. De gemachtigde voerde aan dat deze verhoging als een besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) moest worden aangemerkt en dat het ontbreken van een rechtsmiddel tegen deze verhoging in strijd was met artikel 6 EVRM Pro.
Het hof oordeelde echter dat de verhoging geen appellabel besluit is en dat artikel 6 EVRM Pro niet van toepassing is op deze sanctieverhogingen, verwijzend naar eerdere jurisprudentie van de Hoge Raad. Het hof zag geen aanleiding voor een prejudiciële vraag aan het Hof van Justitie van de EU en bevestigde de niet-ontvankelijkheid van het beroep tegen de verhoging. Het verzoek tot vergoeding van kosten werd afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de verhoging van de administratieve sanctie is niet-ontvankelijk verklaard en het verzoek tot kostenvergoeding is afgewezen.