ECLI:NL:GHAMS:2013:BY9064
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging WOZ-waarde woning langs spoorweg na hoger beroep
Belanghebbende betwistte de WOZ-waarde van zijn woning, een twee-onder-een-kapwoning uit 1904 gelegen langs een spoorweg nabij een treinstation en perron, vastgesteld op €550.000 per 1 januari 2007. Hij voerde onder meer aan dat de waarde te hoog was vastgesteld en dat een vaste aftrek vanwege de ligging en slechte dakconstructie toegepast moest worden.
De heffingsambtenaar onderbouwde de waarde met een taxatieadvies en vergelijkingen met drie referentiewoningen uit dezelfde buurt, die qua bouwjaar en type voldoende vergelijkbaar waren. De rechtbank oordeelde dat de WOZ-waarde niet te hoog was vastgesteld en dat de door belanghebbende voorgestelde aftrek niet als vaststaand gegeven kon worden aangenomen zonder concrete onderbouwing.
In hoger beroep bevestigde het Hof het oordeel van de rechtbank. Het Hof stelde dat de heffingsambtenaar voldoende rekening had gehouden met de waardedrukkende factoren zoals de ligging langs het spoor en de slechte dakconstructie. Ook het beroep op het gelijkheidsbeginsel slaagde niet omdat de waarde van de buurwoning niet lager was vastgesteld dan die van belanghebbende. De door belanghebbende overgelegde matrix met WOZ-waarden van andere woningen kon niet als onderbouwing dienen omdat deze niet voldeed aan de voorgeschreven vergelijkingsmethode.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen veroordeling in kosten uitgesproken. Tegen deze uitspraak kan beroep in cassatie worden ingesteld bij de Hoge Raad.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de WOZ-waarde van €550.000 bevestigd.