Uitspraak
SAMENVATTING
PROCESVERLOOP
OVERWEGINGEN
Inleiding
Het oordeel van de Raad
- het hoge waterverbruik voor een driepersoons huishouden op adres X;
- getuigenverklaringen van twee huurders van adres Y dat zij appellant nog nooit hebben gezien;
- op adres X aangetroffen post van appellant geadresseerd op adres Y;
- maaltijdbestellingen op adres X die zijn gedaan door appellant;
- foto’s van 26 november 2015 en 12 augustus 2016 waarop hennepplanten op een tafel te zien zijn en een foto uit 2018 waarop een hand met veel contant geld te zien is. De omgeving waarin die foto’s genomen zijn, heeft een grote vergelijking met adres X;
- een politiemutatie van 12 mei 2017 waaruit blijkt dat appellant en appellante op adres X de deur open doen;
- de bevindingen tijdens de waarnemingen van 21 juni 2018 tot en met 25 juli 2018 in de omgeving van adres X;
- de bevindingen tijdens waarnemingen van 15 juli 2019 tot en met 9 september 2019 in de omgeving van adres X.
Conclusie en gevolgen
BESLISSING
- vernietigt de aangevallen uitspraak;
- verklaart het beroep gegrond en vernietigt het besluit van 27 september 2022 voor zover het betreft de intrekking over de periode van 1 januari 2016 tot 1 januari 2020 en de terugvordering;
- herroept de besluiten van 11 en 12 januari 2022 voor zover het de intrekking over de periode van 1 januari 2016 tot 1 januari 2020 betreft en bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde gedeelte van het besluit van 27 september 2022;
- draagt het college op een nieuw besluit op bezwaar te nemen over de terugvordering van de kosten van bijstand over de periode van 1 januari 2020 tot en met 31 augustus 2021 en bepaalt dat tegen het nieuwe besluit slechts beroep bij de Raad kan worden ingesteld;
- veroordeelt het college in de proceskosten van appellanten tot een bedrag van € 3.628,-;
- bepaalt dat het college het door appellanten in beroep en in hoger beroep betaalde griffierecht van in totaal € 186,- vergoedt.