ECLI:NL:CRVB:2025:1166
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering en boete wegens onrechtmatige WIA-uitkering door hennepteelt
Appellant ontving een WIA-uitkering en toeslag terwijl hij inkomsten had uit een hennepkwekerij die door de politie werd vastgesteld. Het UWV onderzocht de situatie, corrigeerde de uitkering en legde een boete op wegens schending van de inlichtingenplicht.
De rechtbank Overijssel verklaarde het beroep van appellant ongegrond en oordeelde dat het UWV de inkomsten schattenderwijs mocht vaststellen, omdat appellant geen concrete bewijsstukken aanleverde. Het vonnis van de politierechter met een lager bedrag aan wederrechtelijk verkregen voordeel werd niet gevolgd vanwege gebrek aan motivering.
In hoger beroep herhaalde appellant zijn standpunten, maar de Raad onderschreef het oordeel van de rechtbank. Het UWV had de inkomsten correct toegerekend over de exploitatieperiode en de boete was evenredig. Het hoger beroep werd verworpen en de terugvordering en boete bleven in stand.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen; terugvordering en boete blijven ongewijzigd.