ECLI:NL:CRVB:2022:2597
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontslag wegens onherstelbaar verstoorde arbeidsverhouding bij gemeente Rotterdam
Appellant werkte sinds 2007 bij de gemeente Rotterdam en diende in 2015 een klacht in over ongewenste omgangsvormen door zijn afdelingsmanager en collega’s. Na onderzoeken door een klachtencommissie en externe bureaus werd vastgesteld dat de arbeidsverhouding ernstig verstoord was. Coaching bleek niet mogelijk en herplaatsing binnen de organisatie was niet haalbaar.
Het college van burgemeester en wethouders verleende appellant in 2017 eervol ontslag wegens de verstoorde arbeidsverhouding, wat door appellant werd aangevochten. De rechtbank Rotterdam verklaarde het beroep ongegrond en ook in hoger beroep oordeelde de Centrale Raad van Beroep dat sprake was van een onherstelbare impasse.
De Raad overwoog dat het ontslagbesluit gebaseerd was op feiten en omstandigheden tot de datum van het besluit en dat het college geen overwegend aandeel had in de verstoring. De voorwaarden die appellant stelde voor herstel werden door het college niet geaccepteerd. De Raad bevestigde daarmee het ontslagbesluit en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en het ontslag wegens onherstelbare verstoorde arbeidsverhouding wordt bevestigd.