ECLI:NL:CRVB:2021:564
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.J.T. van den Corput
- H. Lagas
- A.T. Marseille
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontslag wegens onbekwaamheid na alcoholincident bij reservemilitair
Appellant, een reservemilitair, werd meerdere malen aangesproken op ongepast gedrag, waaronder het opkomen in werkelijke dienst onder invloed van alcohol op 12 november 2016. Na een negatief ambtsbericht en diverse waarschuwingen werd hij voorgedragen voor ontslag wegens onbekwaamheid of ongeschiktheid.
De rechtbank Gelderland sprak appellant vrij van schending van artikel 8 WMT Pro omdat onvoldoende concreet was gemaakt welke dienstverplichtingen hij niet kon vervullen. Desondanks oordeelde de staatssecretaris dat appellant niet over de vereiste eigenschappen beschikte en besloot tot ontslag. Dit besluit werd in bezwaar gehandhaafd en door de rechtbank Den Haag bevestigd.
In hoger beroep stelde appellant dat de ontslaggrond onterecht was en dat het oordeel van de rechtbank Gelderland niet juist was geïnterpreteerd. De Centrale Raad van Beroep verwierp deze gronden, bevestigde dat de staatssecretaris een eigen oordeel had gevormd en oordeelde dat het ontslag terecht was gegeven. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het ontslag van appellant wegens onbekwaamheid wordt bevestigd en het hoger beroep wordt ongegrond verklaard.