ECLI:NL:CRVB:2020:2114
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.F. Wagner
- J.T.H. Zimmerman
- K.M.P. Jacobs
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek bijzondere bijstand ter compensatie van niet ontvangen kinderbijslag
Appellant, houder van een Wajong-uitkering, verzocht het college van burgemeester en wethouders van Ede om bijzondere bijstand ter compensatie van het niet ontvangen van kinderbijslag en kindgebonden budget voor zijn kind Y gedurende de periode dat hij Y niet kon erkennen.
Het college kende een beperkte bijzondere bijstand toe, gelijk aan het bedrag van de kinderbijslag, maar wees een hoger bedrag af. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond. In hoger beroep bevestigde de Centrale Raad van Beroep deze uitspraak.
De Raad oordeelde dat bijzondere bijstand slechts wordt toegekend voor andere dan algemene bestaanskosten. Aangezien appellant geen andere noodzakelijke kosten had aangetoond die niet uit zijn inkomen konden worden voldaan, was er geen grond voor een hogere bijzondere bijstand. Tevens faalde het beroep op internationale verdragsbepalingen omdat deze niet concreet genoeg waren of niet van toepassing vanwege het ontbreken van rechtmatig verblijf.
De Raad concludeerde dat het college terecht geen hogere bijzondere bijstand toekende en bevestigde de eerdere uitspraak zonder toewijzing van proceskosten.
Uitkomst: Het verzoek om meer bijzondere bijstand dan toegekend wordt afgewezen en de eerdere uitspraak bevestigd.