ECLI:NL:CRVB:2017:2069
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling bijzondere bijstand voor babyuitzet en deurwaarderskosten
Appellanten ontvingen bijstand op grond van de WWB en vroegen bijzondere bijstand aan voor een babyuitzet en voor kosten van een deurwaardervordering wegens achterstallige zorgverzekeringspremies.
Het college kende bijzondere bijstand voor de babyuitzet toe als lening, conform het geldende beleid en artikel 51 WWB Pro, omdat het om duurzame gebruiksgoederen gaat. De aanvraag voor bijzondere bijstand voor de deurwaarderskosten werd afgewezen omdat deze betrekking had op een schuldenlast, waarvoor op grond van artikel 13 WWB Pro geen bijstand wordt verleend.
De rechtbank had het bezwaar tegen het besluit van het college gegrond verklaard vanwege een procedurele fout, maar de Raad bevestigt in hoger beroep de inhoudelijke beoordeling van het college. De Raad oordeelt dat het college terecht het beleid volgt om bijstand voor duurzame goederen in de vorm van een lening te verstrekken en dat de aanvraag voor deurwaarderskosten terecht is afgewezen.
Het verzoek om vergoeding van schade in de vorm van wettelijke rente wordt afgewezen en er is geen aanleiding voor een veroordeling in proceskosten. De aangevallen uitspraak wordt bevestigd voor zover aangevochten.
Uitkomst: De bijzondere bijstand voor de babyuitzet is terecht als lening toegekend en de aanvraag voor deurwaarderskosten is terecht afgewezen.