ECLI:NL:CRVB:2008:BD3405
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijzondere bijstand voor verhuiskosten wegens ontbreken noodzakelijkheid
Appellante ontving een uitkering op grond van de Wet werk en bijstand (WWB) en vroeg bijzondere bijstand aan voor verhuiskosten na haar verhuizing van Nijmegen naar Steenwijk in oktober 2005. Het College van burgemeester en wethouders van Nijmegen wees deze aanvraag af omdat de kosten niet als noodzakelijk werden beschouwd.
De rechtbank Arnhem verklaarde het beroep van appellante tegen dit besluit ongegrond. Appellante stelde in hoger beroep dat haar verhuizing noodzakelijk was vanwege gezondheidsredenen en een langdurige woondruk, maar de Raad oordeelde dat zij onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat sprake was van een sociale of medische urgentie.
De Raad benadrukte dat bijzondere bijstand alleen kan worden toegekend voor noodzakelijke kosten die voortvloeien uit bijzondere omstandigheden en niet kunnen worden voldaan uit de bijstandsnorm of andere middelen. Omdat geen rechtens te honoreren toezegging van het College bestond en de verhuiskosten niet als noodzakelijk konden worden aangemerkt, werd het hoger beroep afgewezen.
De aangevallen uitspraak van de rechtbank werd bevestigd en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de afwijzing van bijzondere bijstand voor verhuiskosten wordt bevestigd.