ECLI:NL:CRVB:2005:AT9765
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging korting op AOW-pensioen wegens niet-verzekerde periode in Suriname
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Zwolle die een korting op zijn AOW-pensioen van 34% handhaafde. Deze korting is gebaseerd op het feit dat appellant niet verzekerd was voor de AOW in de periode van 1 januari 1957 tot en met 31 mei 1974, omdat hij in die tijd in Suriname woonde en geen in Nederland aan loonbelasting onderhevige arbeid verrichtte.
De Raad overweegt dat tot 1 januari 1990 de term "het Rijk" in de AOW bepalingen werd geïnterpreteerd als het Europese Rijk, waardoor appellant niet als ingezetene werd beschouwd tijdens zijn verblijf in Suriname. Ook was appellant niet in dienst van de Nederlandse overheid noch ontving hij loon van deze overheid, zodat hij niet als verzekerde op grond van artikel 6, eerste lid, onder c, van de AOW kon worden aangemerkt.
Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de korting van 34% op het ouderdomspensioen blijft van kracht. De Raad ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de korting van 34% op het AOW-pensioen wegens niet-verzekerde periode in Suriname.