ECLI:NL:CRVB:2004:AO7753
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- T. Hoogenboom
- W. van den Brink
- Rechtspraak.nl
Beoordeling intrekking aanstellingsbesluit militair wegens bezuinigingen
De zaak betreft het hoger beroep van de Staatssecretaris van Defensie tegen een uitspraak van de voorzieningenrechter die het intrekkingsbesluit van een aanstelling als militair voor bepaalde tijd vernietigde. Gedaagde was op 16 april 2003 aangesteld als militair, maar het besluit tot aanstelling werd op 7 juli 2003 ingetrokken wegens ingrijpende bezuinigingen binnen Defensie.
De voorzieningenrechter oordeelde dat gedaagde als militair ambtenaar moest worden aangemerkt en dat het bezwaar tegen het intrekkingsbesluit ten onrechte niet-ontvankelijk was verklaard. Tevens vond de voorzieningenrechter dat onvoldoende was aangetoond dat de bezuinigingen de intrekking rechtvaardigden en stelde een schadevergoeding in het vooruitzicht.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat zij bevoegd is kennis te nemen van het hoger beroep en bevestigt dat het intrekkingsbesluit verschilt van een weigering tot aanstelling. De Raad acht de noodzaak tot bezuinigingen en de daarmee samenhangende personeelsreductie voldoende concreet en rechtvaardigt daarmee de intrekking van de aanstelling.
De Raad benadrukt dat een intrekking alleen geoorloofd is indien de betrokkene wordt gecompenseerd voor het geleden nadeel. Appellant heeft een vergoeding toegekend ter grootte van een maandsalaris van een soldaat derde klasse, welke de Raad toereikend acht gezien het gebrek aan nadere onderbouwing van schade door gedaagde.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en appellant wordt veroordeeld tot betaling van de proceskosten van € 805 aan gedaagde.
Uitkomst: Het beroep van gedaagde wordt ongegrond verklaard en de intrekking van de aanstelling bevestigd met toekenning van een schadevergoeding en proceskosten.