Uitspraak
COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 19 maart 2024 op het hoger beroep van:
Maatschap [naam 1] , te [plaats 1] (het pluimveebedrijf)
(gemachtigde: mr. I. Laurijssen)
het pluimveebedrijf
en
de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit
Procesverloop in hoger beroep
Grondslag van het geschil
Uitspraak van de rechtbank
Standpunten van partijen
Beoordeling van het geschil in hoger beroep
.In verband daarmee is de boete gematigd. De redelijke termijn van de rechterlijke behandeling in hoger beroep van twee jaar is op het moment van het doen van deze uitspraak niet overschreden. Het verzoek van het pluimveebedrijf om verdere matiging van de boete wordt daarom afgewezen.