ECLI:NL:RVS:2023:1846
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke handhaving tegen huisvesting arbeidsmigranten op vakantiepark Droomgaard
Het college van burgemeester en wethouders van Loon op Zand nam handhavingsbesluiten tegen Oostappen Vakantiepark Droomgaard wegens overtredingen van het bestemmingsplan door het huisvesten van arbeidsmigranten in recreatieverblijven. Het college stelde vast dat op het migrantengedeelte meer dan 200 recreatieverblijven werden gebruikt voor arbeidsmigranten, en dat ook op het recreatieve gedeelte arbeidsmigranten verbleven, wat niet was toegestaan.
De rechtbank oordeelde dat het college voor het recreatieve gedeelte bevoegd was om handhavend op te treden en dwangsommen te innen, maar dat het college voor het migrantengedeelte onvoldoende bewijs had geleverd voor de overtreding. De rechtbank vernietigde het besluit over het migrantengedeelte en stelde het invorderingsbedrag vast op €170.000 voor het recreatieve gedeelte.
In hoger beroep bevestigde de Afdeling bestuursrechtspraak het oordeel over het recreatieve gedeelte en oordeelde dat het college wel aannemelijk had gemaakt dat op het migrantengedeelte meer dan 200 verblijven werden gebruikt voor arbeidsmigranten, waardoor het college bevoegd was om ook daar handhavend op te treden. De Afdeling vernietigde daarom het deel van de uitspraak van de rechtbank dat het college niet bevoegd achtte voor het migrantengedeelte en verklaarde het beroep tegen het besluit over dat deel ongegrond. Het beroep tegen de invordering van dwangsommen voor het migrantengedeelte werd terugverwezen naar de rechtbank voor nadere beoordeling.
De Afdeling ging uitgebreid in op de juridische aspecten van het begrip arbeidsmigrant, de begunstigingstermijn, de bewijslast en de proportionaliteit van het handhavend optreden. De belangen van de omwonenden en de veiligheid werden zwaarder gewogen dan het economische belang van huisvesting van arbeidsmigranten. Het hoger beroep van Oostappen werd ongegrond verklaard, het incidenteel hoger beroep van het college gegrond.
Uitkomst: Hoger beroep van Oostappen ongegrond; college bevoegd tot handhaving en dwangsommen; deels vernietiging rechtbankuitspraak; beroep terugverwezen voor invordering migrantengedeelte.