ECLI:NL:RVS:2021:568
Raad van State
- Hoger beroep
- S.F.M. Wortmann
- F.D. van Heijningen
- J.M.L. Niederer
- Rechtspraak.nl
Vernietiging rechtbankuitspraak inzake handhaving omgevingsvergunning varkenshouderij
Het college van burgemeester en wethouders van Bernheze legde aan een vergunninghoudster last onder dwangsom op wegens drie overtredingen op haar varkenshouderij, waaronder het ontbreken van een opslagsilo voor spuiwater, een slecht werkende chemische luchtwasser en asbestverdachte materialen op het dak. De appellant, exploitant van een naastgelegen pluimveehouderij, verzocht handhaving.
De rechtbank oordeelde dat het college voldoende onderzoek had gedaan en het besluit grotendeels in stand liet, maar stelde dat de termijn voor het nemen van een nieuw besluit op bezwaar pas zou ingaan na onherroepelijkheid van de uitspraak. De appellant stelde hiertegen hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling oordeelde dat de rechtbank ten onrechte de termijn voor het nemen van een nieuw besluit opschortte tot onherroepelijkheid, omdat de Awb dit niet toestaat. De Afdeling bevestigde verder de inhoudelijke beoordeling van de rechtbank over de luchtwasser en het asbestonderzoek en bepaalde dat de termijn voor het nemen van het nieuwe besluit direct na de uitspraak van de rechtbank is ingegaan. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: De Afdeling vernietigt het deel van de uitspraak over de termijn voor het nemen van een nieuw besluit en bevestigt de rest van de uitspraak.