ECLI:NL:RVS:2019:298
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- CJ. Borman
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Vaststelling juiste ingangsdatum verblijfsvergunning asiel na echtscheiding vreemdeling
De vreemdeling had een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd met een eerste aanvraagdatum van 9 september 2015. Na een eerdere afwijzing wegens het veilige derde land Tunesië en een echtscheiding in 2016, werd de aanvraag alsnog ingewilligd met een ingangsdatum van 14 augustus 2017.
De rechtbank stelde echter de ingangsdatum van de vergunning terug op 9 september 2015, omdat het echtscheidingsvonnis de situatie bevestigde dat terugkeer naar Tunesië niet redelijk was. De staatssecretaris stelde hoger beroep in tegen deze terugwerkende kracht.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelt dat de ingangsdatum moet aansluiten bij de datum waarop aan alle vereisten is voldaan, namelijk de datum van de echtscheiding op 16 september 2016. De rechtbank heeft dit onjuist vastgesteld. Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, het vonnis van de rechtbank vernietigd voor zover het de ingangsdatum betreft, en de ingangsdatum wordt vastgesteld op 16 september 2016.
Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling. De rest van de uitspraak van de rechtbank blijft in stand.
Uitkomst: De ingangsdatum van de verblijfsvergunning asiel wordt vastgesteld op 16 september 2016, de datum van de echtscheiding.