ECLI:NL:RVS:2019:2720
Raad van State
- Hoger beroep
- J. Hoekstra
- J. Kramer
- E.A. Minderhoud
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke toetsing omgevingsvergunning voor vier windturbines in ’s-Hertogenbosch
Het college van burgemeester en wethouders van ’s-Hertogenbosch verleende op 20 september 2017 een omgevingsvergunning voor het realiseren en exploiteren van vier windturbines, waarvan drie op een industrieterrein en één in agrarisch gebied nabij bedrijventerreinen. Het Actiecomité en enkele omwonenden stelden beroep in tegen deze vergunning vanwege bezwaren over onder meer geluid, externe veiligheid en landschappelijke impact.
De rechtbank Oost-Brabant vernietigde de vergunning voor windturbine 4 en stelde een voorschrift over een ijsdetectiesysteem voor de overige turbines. Zowel het college, Raedthuys Windenergie B.V. als het Actiecomité gingen in hoger beroep. De Afdeling bestuursrechtspraak heeft het hoger beroep behandeld en overwogen dat de bezwaren tegen geluidnormen en externe veiligheid onvoldoende onderbouwd zijn en dat het college terecht aansluiting zocht bij het Activiteitenbesluit milieubeheer.
De Afdeling oordeelde dat windturbine 4 wel degelijk deel uitmaakt van een cluster zoals bedoeld in de provinciale Verordening ruimte Noord-Brabant, waardoor het besluit van het college niet in strijd is met die verordening. Ook werd het voorschrift over het ijsdetectiesysteem aangepast, omdat een dergelijk systeem ijsafzetting niet kan voorkomen maar wel ongecontroleerde ijsafworp kan beperken. Het hoger beroep van het Actiecomité werd ongegrond verklaard, terwijl dat van het college en Raedthuys Windenergie B.V. werd toegewezen, waardoor het besluit van het college in stand blijft en de windturbines mogen worden gerealiseerd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de vergunning voor vier windturbines, vernietigt deels het vonnis van de rechtbank en past het voorschrift over het ijsdetectiesysteem aan.