ECLI:NL:RVS:2019:2626
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing Wob-verzoek inzake sanering voormalige fosforfabriek Thermphos
Het college van gedeputeerde staten van Zeeland weigerde op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) bepaalde documenten te verstrekken over de sanering van het terrein van de voormalige fosforfabriek Thermphos. [Appellant] stelde beroep in tegen deze weigering. De rechtbank oordeelde dat [bedrijf B], het saneringsbedrijf, niet onder verantwoordelijkheid van het college valt en dat het college daarom niet verplicht is informatie van [bedrijf B] te verstrekken.
In hoger beroep betoogde [appellant] dat het college wel degelijk verantwoordelijk is, mede omdat de provincie voor 50% aandeelhouder is van Zeeland Seaports N.V., de indirecte aandeelhouder van [bedrijf B]. De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat het enkele feit van indirect aandeelhouderschap onvoldoende is om aan te nemen dat [bedrijf B] onder verantwoordelijkheid van het college werkt. Ook het recht van het college om één commissaris voor te dragen is onvoldoende om directe zeggenschap aan te nemen.
Daarnaast stelde [appellant] dat het college meer documenten moet bezitten over de saneringskosten en voorstellen van private partijen. De Afdeling vond dat het college aannemelijk had gemaakt dat dergelijke documenten niet onder haar berusten en dat de door [appellant] overgelegde stukken dit niet tegenspraken.
De Afdeling bevestigde daarom het oordeel van de rechtbank dat het college niet gehouden is de gevraagde informatie te verstrekken en verklaarde het hoger beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.