ECLI:NL:RVS:2018:638
Raad van State
- Hoger beroep
- R. van der Spoel
- S.F.M. Wortmann
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Bevestiging omgevingsvergunning voor betoncentrale ondanks bezwaren omwonende
Het college van burgemeester en wethouders van Papendrecht verleende op 22 maart 2016 een omgevingsvergunning aan Bouwstoffenhandel De Rivierendriesprong voor het veranderen van de inrichting, inclusief het oprichten van een betoncentrale en het afwijken van het bestemmingsplan. Een omwonende, appellante, stelde beroep in tegen deze vergunning en voerde onder meer aan dat het verleden van de inrichting aanleiding had moeten zijn om de vergunning te weigeren op grond van de Wet bibob, dat de vergunning in strijd was met het bestemmingsplan en dat de geluidsoverlast en verkeersimpact onvoldoende waren onderzocht.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarna appellante hoger beroep instelde bij de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak heeft het hoger beroep behandeld en overwogen dat het college terecht een mindere mate van gevaar op grond van de Wet bibob aannam en passende voorschriften aan de vergunning verbond. De Afdeling oordeelde dat de individuele belangen van appellante niet zodanig verweven zijn met het algemene belang dat de Wet bibob ook haar belangen beschermt.
Verder werd geoordeeld dat de afwijking van de richtafstand van 100 meter tussen de betoncentrale en de woning van appellante gerechtvaardigd is vanwege het gezoneerde industrieterrein en de vastgestelde hogere geluidgrenswaarde. De deskundigenrapporten over geluid en luchtkwaliteit werden als voldoende betrouwbaar beoordeeld. Ook de toename van vrachtverkeer werd als aanvaardbaar beschouwd. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep van de omwonende tegen de omgevingsvergunning voor de betoncentrale wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.